Red
dog mine
's
Werelds grootste zinkmijn neemt betrokkenheid serieus
Het Brabantse Budelco
krijgt er slechts een luttele 50.000 ton van. Maar met jaarlijks ruim
1,2 miljoen ton concentraat is de 'Red Dog Mine' wel de grootste zinkmijn
ter wereld. De mijn ligt in het noorden van Alaska, tegen de licht-besneeuwde
uitlopers van de Brooks Range. Gigantische vrachtwagens transporteren
het concentraat, dwars door de zo kwetsbare arctische toendra, naar
de overslaghaven, zo'n zeventig kilometer ten westen van de mijn. Exploitant
Teck Cominco is zich bewust van de impact op mens en omgeving.
Millennia was dit
het gebied van de Inupiaq. De eskimo's uit de kuststreken jaagden hier
op kariboe en poolbeer, walvis en vos, visten er op zalm, forel en heilbot
en zochten er 's zomers naar bessen, planten en kruiden. Nooit hebben
ze geweten dat de glooiingen en heuvels langs deze rivier - de Wulik
- ertslagen konden bevatten. Evenmin hebben ze beseft dat die ontdekking
in 1968, gevolgd door exploitatie vanaf 1989, hen rechtstreeks uit de
jagers-verzamelaarscultuur in de globale geldeconomie zou katapulteren.
Vrijwel alles aan de zinkmijn is gigantisch. Meer dan honderd meter
diep maken geologen springladingen klaar om vijftig tot vijfduizend
ton bevroren rotsgrond tot ontploffing te brengen. Dat gebeurt uiterst
secuur: elke nieuwe laag ligt precies twintig meter lager dan de vorige.
Vrachtwagens en shovels lopen zo het minste risico om bedolven te worden.
En het werk kan 24 uur per dag, 365 dagen per jaar doorgaan, tenzij
sneeuwstormen dat verhinderen.
Langzaam rijden de vrachtwagens, elk met zo'n honderd ton brokken, naar
de fabriek net achter de heuvel. Daar komt de rots in drie soorten molens
terecht die het zo dun als talkpoeder maken. Vervolgens ondergaat het
enkele hydrofobe bewerkingen waarbij water en chemische verbindingen
lood (ruim 4%), zink (bijna 18%) en kostbare metalen uit de rots halen.
"Het water komt in ons opslagbassin terecht. Dat gebruiken we weer
voor bedrijfsprocessen en wordt uiteindelijk op de Red Dog kreek geloosd",
zegt Brigitte Lacouture, hoofd metallurgie.
Gemeenschap
Drie jaar na ontdekking
van 'Red Dog' - zo genoemd naar het hondje 'Red' van de prospector -
kregen eskimobedrijven onder de 'Alaska Native Claims Settlement Act'
het recht om land in bruikleen te geven. NANA, volledig eigendom van
Inupiaq in de 'Northwest Arctic Borough', sloot een gunstige overeenkomst
met Teck Cominco, een grote Canadese mijnbouwmultinational. Beide partijen
spraken af om binnen twaalf jaar alle werknemers op 'Red Dog' uit de
regio te laten komen, een overambitieus doel naar later bleek.
"Werving, logistiek en cultuur in dit afgelegen deel van Alaska
waren daar de oorzaken van", vertelt John B. Knapp, algemeen manager
van de mijn. "Culturele normen en waarden vallen echt niet in één
generatie te veranderen. Laatst belde een van onze werknemers op. De
kariboejacht duurde langer dan gedacht. Hij kwam wel enkele dagen later
naar werk. Vroeger werd iedereen uit de regio aangenomen. Nu stellen
we voorwaarden. Daardoor is het verloop de laatste vijf jaar van jaarlijks
34 procent naar 18 procent gedaald."
Marie Greene, president/directeur van de NANA corporation, is blij dat
60 procent van de arbeiders uit de regio afkomstig is. Veel arbeiders
zijn aandeelhouders van NANA en zagen hun winsten de afgelopen twee
jaar sterk toenemen. "Vorig jaar stond de zinkprijs op ruim vijftig
cent per pond", zegt Greene, "nu bereikt hij recordhoogten
van één dollar tachtig. Daardoor kunnen we meer in opleiding
en scholing investeren en een gezonde levensstijl propageren."
Omgeving
De arctische toendra
blijkt even hard als fragiel: een kilometers lange bosbrand is volgend
jaar nauwelijks merkbaar, het spoor van een jeep blijft echter rustig
ruim vijftig jaar bestaan. Geen wonder dat milieuorganisaties de mijnbouwactiviteiten
vanaf het begin onder de loupe genomen hebben, evenals Inupiaq die niet
aan het werkritme konden wennen en de zinkmijn keer op keer aanklaagden.
'Red Dog' zou de kariboetrek verstoren, het water in de kreek vervuilen,
de vis giftig maken.
Volgens Mike Terwillinger, een ervaren helicopterpiloot, doen de Canadezen
echter meer dan wettelijk vereist is. Terwijl hij ons over de eerste
kleine kariboekuddes stuurt, zegt hij: "jarenlang voeren ze watermonsters
uit. Ik heb al 25 kreken bezocht. Het water van 'Red Dog creek' is nu
schoner dan voor de winning. Ze moesten zelfs afscheidingen plaatsen
om te verhinderen dat de vis de kreek weer inzwemt."
Aan het eind van de nu bevriezende toendra doemt de weg door nationaal
park 'Cape Krusenstern' op. De grootste vrachtwagens ter wereld - 220
ton concentraat op veertig manshoge banden - rijden daarover elke dag
naar de haven. Van daaruit gaat het naar de smelterijen. En komt het
ook in het Brabantse Budel terecht.
GPD bladen, 23 okt
2006